2. ONDERWIJS AAN HUIS
3.2. ONDERWIJS AAN HUIS
3.2.1. Algemeen principe
Leerplichtige kinderen en vijfjarige kleuters hebben recht op tijdelijk onderwijs aan huis (4 lestijden per week) als volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
- de leerling is meer dan 21 kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval
- de ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de school
- de aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen
- de afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats van de betrokken leerling bedraagt ten hoogste 10 km.
3.2.2. Specifieke situatie bij chronische ziekte
1. Wat?
Een ziekte die een continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt.
2. Wachttijd
Deze vervalt. Deze kinderen hebben recht op tijdelijk onderwijs na 9 halve schooldagen afwezigheid. En deze moeten niet in een ononderbroken periode doorlopen. Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aanhuis.
3. Voorwaarden
Bij de start van het schooljaar een medisch attest afleveren, uitgereikt door een geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen. Bij een nieuwe afwezigheid in het zelfde schooljaar volstaat een nieuwe aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis.